Poeran-bende weigert te getuigen tegen vermoedelijke comparant

De veroordeelde criminelen Gopie Poeran en Ricky Sardjoe zorgden voor aardig wat commotie tijdens de behandeling van een rechtszaak, waarbij een vermoedelijke comparant van hun terecht stond. Beide verdachten weigerden de eed als getuigen af te leggen en weigerden in te gaan op vragen gesteld door zowel kantonrechter Cynthia Valstein-Montnor als openbare aanklager Duncan Nanhoe. “Mi no sabie a mang disi. Sortu eed? Mi a no skowtu. Na yu gimi 14-jari toch Nanhoe. Mi no ab neks fu taki”, stelden beide veroordeelden. In deze zaak staat de verdachte Clarence W. terecht voor een inbraak in een woning in het Zusterproject.
Volgens eerdere verklaringen van Poeran bij de politie, zou hij samen met Sardjoe in de avonduren thuis bij Clarence zijn geweest. Deze bracht hem op het idee om in te breken in een woning. Op de strafzitting bleken echter zowel Poeran als Sardjoe te ontkennen ooit zo een verklaring te hebben afgelegd. Ondanks de veroordeling vinden zij dat zij onterecht voor 14 jaar zijn veroordeeld. Hun zaak zit nu in hoger beroep. Poeran zei dat hij al moe is om langer dan 4 jaar op de behandeling van zijn zaak te wachten.
Nadat de twee heren werden afgevoerd, bleek dat Clarence ook iets te zeggen had. De verdachte was het niet eens dat zijn zaak werd uitgesteld naar 20 januari. “Ik moet zoveel maanden als een losse appel in het gevang zitten. Ik ben ook mens”, stelde de verdachte, terwijl hij weigerde terug te gaan naar zijn cel. De magistraat vertelde aan de verdachte dat zij geen enkele ruimte had deze zaak eerder te behandelen.
FR

error: Kopiëren mag niet!