Kiesgedrag Haagse hindoestanen bemoeilijkt proces
Vier emeritus hoogleraren van de universiteiten van Nijmegen, Tilburg, Maastricht en Amsterdam hebben in november 2022 in een brief gericht aan de toenmalige Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de Staatssecretaris van Koninkrijksrelaties en de minister voor Rechtsbescherming, gepleit voor het visumvrij reizen en versoepelde toelating van bepaalde Surinamers naar Nederland, samen met 10 hoogleraren van de universiteiten van Amsterdam, Nijmegen, Utrecht en Leiden.
Minister Albert Ramdin of deze regering heeft nooit voor de verkiezingen beloofd dat ze visumvrij reizen naar de EU zou realiseren. Het issue is aan de orde gekomen nadat minister Ramdin aangesteld werd als minister van BIBIS. De Surinamer heeft zijn antwoorden altijd zorgvuldig gekozen en heel waarheidsgetrouw de samenleving de zaken met betrekking tot visumvrij reizen voorgehouden.
Ten eerste is nooit door hem gezegd dat hij of de regering ervoor zal zorgen dat Surinamers visumvrij naar de EU, met name Nederland, zullen kunnen afreizen. De minister heeft altijd aangegeven dat deze regering pogingen zal wagen om de EU zover te krijgen. Daarbij is gezegd dat er veel lobbywerk gedaan moet worden voordat genoeg EU-landen bereid zijn om visumvrij reizen naar de EU en Nederland mogelijk te maken. Dat lobbywerk vereist veel diplomatieke activiteiten en veel overleg waarbij ook reizen naar bepaalde landen niet uitgesloten is.
Een harde voorwaarde waarmee echte onderhandelingen moet starten, of waarvan commitments zullen afhangen als voorwaarde, is dat burgers in het bezit moeten zijn van biometrische paspoorten. Deze zijn op een hoger niveau na alleen machineleesbare paspoorten.
De bovengenoemde 14 Nederlandse (emeritus) hoogleraren geven in hun schrijven aan dat Nederland steeds eenzijdig, zonder met Suriname af te stemmen, in 1980 besloot om de in 1975 met Suriname gesloten Visum-afschaffingsovereenkomst op te schorten. Vanaf dat moment hebben Surinaamse staatsburgers een visum nodig om naar Nederland te kunnen reizen. De schorsing bestaat nog steeds. Anders dan bijvoorbeeld Spanje voor zijn oud-koloniën, heeft Nederland zich in Europa tijdens en na de invoering van het gemeenschappelijk visumbeleid niet sterk gemaakt voor visumvrij reizen met Suriname.
Suriname is daarom een van de weinige landen in Zuid- en Midden-Amerika die vallen onder de Europese visumplicht.
Opvallend aan het visumbeleid voor Amerikaanse landen is de sterke etnische correlatie. In de regel visumplichtig zijn onderdanen van de kleinere groep Amerikaanse landen waar overwegend afstammelingen wonen van slaven en Aziatische contractarbeiders, waaronder Suriname en meerdere landen in het Caribisch gebied. Ze geldt niet voor de grotere groep Amerikaanse nationaliteiten die overwegend bestaan uit afstammelingen van Europese kolonisten waaronder de VS, Mexico, Argentinië, Brazilië, Chili, Colombia, Paraguay, Peru, Uruguay en Venezuela. Dit laat zien hoe het slavernijverleden tot op heden doorwerkt.
In juli 2023 diende het Tweede Kamerlid Piri een motie in de Kamer in die Nederlandse regering moest oproepen om zich in Europees verband extra in te spannen om zo snel mogelijk visumvrij reizen voor Surinamers mogelijk te maken. De motie werd met een meerderheid van 87 stemmen voor en 63 tegen, aangenomen. De fracties van D66, CDA, PvdA, SP, GroenLinks, DENK 3, SGP, Volt , BIJ1 en de eenmansfracties Pieter Omzigt en Nulifer Gundogan stemden voor de motie. De VVD, PVV, FVD, Groep Van Haga, JA21 3, BBB en de Fractie Den Haan stemden tegen.
De huidige regeercoalitie bestaat uit PVV, VVD, NSC en BBB.
Drie van de 4 partijen waren tegen de motie dus in principe zijn ze tegen het visumvrij reizen van Surinamers naar Nederland vanaf 2024. Na de formatie van de nieuwe regering, dus in 2024, is het voor de Surinaamse lobby (lees: minister Ramdin) moeilijker geworden om zijn agenda voort te zetten.
Dat hij het visumvrij reizen voor houders van een diplomatiek en dienstpaspoort toch heeft kunnen klaarspelen met de Benelux-landen, is een goede prestatie. Er wordt op social media beweerd dat het gaat om een deal, maar degenen die de actualiteit volgen, die weten dat Nederland en de laatste tijd ook België (met name Antwerpen) veel zitten met illegale Surinamers. Er zijn mensenhandel-bendes ook opgerold waar Surinamers werden uitgebuit. De veroordeling van de mensen met Surinaamse roots voor mensenhandel in Belgie heeft allemaal in de kranten gestaan.
De Nederlandse regering heeft in de Tweede Kamer halve leugens verkondigd tijdens de vorige regering en heeft zich onterecht verscholen achter het Europese beleid dat buiten de Nederlandse sfeer ligt. Het ligt inderdaad buiten de Nederlandse sfeer, maar veel verder, omdat Nederland visumafschaffing overeenkomsten met Suriname in de militaire periode eenzijdig heeft opgeschort en deze nooit in de democratische periode heeft hersteld. Nederland vertelt het halve verhaal, dus als ze verklaren dat ze als Schengen lidstaat ook gebonden is aan de EU-brede regels en afspraken van het Schengengebied. De Nederlandse regering verklaarde in de Tweede Kamer dat Suriname in aanmerking kan komen voor visumliberalisatie door te voldoen aan bepaalde voorwaarden.
De vorige Nederlandse regering verklaarde Suriname in het proces van visumliberalisatie te steunen en te ondersteunen. Deze verklaringen van de vorige regering hebben niet gemaakt dat Surinamers die politieke constellatie die voor visumafschaffing was, is blijven ondersteunen.
Uit analyses blijkt dat bijvoorbeeld Surinaamse Nederlanders van hindoestaanse / hindoe komaf, voor de PVV van Geert Wilders hebben gestemd. Zij hebben dus ook gestemd tegen de visumafschaffing van hun vrienden en familie in Suriname. De PVV van Geert Wilders bleek bij de verkiezingen laatst onder Surinaamse Nederlanders de tweede partij. Na de PvdA kiest veertien procent van de Surinamers voor Wilders, zo laat de Etno Barometer zien. Hoe dat komt, is nog onduidelijk. De PVV is op sociaal-economisch gebied hartstikke links, dat is wellicht een deel van de verklaring. Maar ook anti-islamitische sentimenten spelen vermoedelijk een rol, blijkt uit onderzoek van een student sociologie van de Vrije Universiteit. Hij ontdekte dat Wilders mede om deze reden goed scoort onder Haagse hindoestanen. Haat naar groepen kan bij mensen klaarblijkelijk zo ver gaan dat men niet eens kan kijken dan de neus lang is.